top of page

Getijden: eb en vloed

Iedereen die al eens een hele dag op het strand heeft doorgebracht, heeft ongetwijfeld opgemerkt dat het strand tijdens de dag groter of kleiner wordt. Soms moet je niet lang wandelen om tot aan het water te komen, maar soms doe je er ook veel langer over om de waterlijn te bereiken.
Die verandering wordt veroorzaakt door het getij. Getijden (eb en vloed) zijn te omschrijven als beweging van het water; de zee stijgt en daalt continu.

Op de borden die je terugvindt op de reddersstoel noteren de redders elke dag de uren voor hoog- en laagwater. Je vindt ze terug naast deze symbooltjes:
hoogwater:


laagwater:
 


De onderstaande foto toont eenzelfde stukje strand bij hoog- en laagwater. Verschuif het pijltje om de verandering te zien.

Beelden van The Guardian, Foto's: Christopher Thomond

Springtij en doodtij

Elke twee weken is het springtij en doodtij.

Springtij treedt op wanneer de zon, de aarde en de maan op één lijn staan. De aantrekkingskracht van beide hemellichamen is dan het grootst. Het zorgt voor een extra hoge waterstand bij vloed en bij eb staat het water extra laag. Het verschil tussen eb en vloed is dus bij springtij het grootst. Als het tijdens springtij ook nog stormt, spreekt men van springvloed.

Bij doodtij is het verschil tussen beide waterstanden minimaal. Dit is het tegenovergestelde van springtij. Doodtij ontstaat omdat de getijdenwerking van de zon en de maan elkaar tegenwerken. Dit is het geval als de zon en de maan ongeveer loodrecht ten opzichte van elkaar staan.

bottom of page